Bergen op Zoom slapend provinciestadje op sterven na dood ?

Foto: Jan Krijtenburg

Open brief van schrijver Sonn Franken aan de gemeenteraad en leden van het college van Bergen op Zoom over de bezuinigingen op cultuur.

Bergen op Zoom: 23 november 2020

Geachte Gemeenteraad en leden van het College van Bergen op Zoom,

In deze tijden dat de gemeente Bergen op Zoom zich in zwaar financieel weer bevindt, is het noodzakelijk dat er kritisch naar al het handelen, beslissingen en de financiële keuzen van onze stad gekeken wordt.

Ik wil graag beginnen met een vergelijk naar het verleden. Eind jaren 1860 werd een begin gemaakt met de sloop van de vestingwerken, werkzaamheden die zo’n twintig jaar hebben geduurd. Men vond de Vestinggordel te omklemmend om de mogelijkheden van de stad goed uit te kunnen baten. Dit ingegeven door politici en notabelen die dit de uitgelezen kans vonden hun naam in het geschiedenisboek te vereeuwigen. Een ontzettend door de tijd ingehaalde foutieve beslissing. Hadden we de gehele vestingomwalling nog, dan was Bergen op Zoom het pareltje van de Nederlandse vestingsteden geweest. We hadden dat aan de toeristenstroom kunnen merken en onze stad was een baken van historische aantrekkingskracht geweest.

Waarom nu dit voorbeeld? Wel, omdat we als stad wederom voor een dergelijk beslissingspunt staan, op een dergelijk historisch kruispunt.

Financiële crisis, Covid-19 crisis, de overheveling van Landelijke overheidstaken naar de lokale overheden, en de catastrofale ego-gestuurde beslissingen van een aantal Bergse bewindslieden hebben tot een schuld van zo’n 300 miljoen euro geleid, alsmede een negatieve balans in de begroting. Het financiële water staat onze gemeente aan de lippen.

En wat doen we? We slaan aan het bezuinigen, alles waar we kunnen, snijden we het “vet” weg. We gooien onze bezittingen in de verkoop. Elk opgebracht miljoentje is voor het dempen van de schuldenput, elke duizend euro die we kunnen bezuinigen, trekt onze begroting richting groen. Paniekvoetbal dus!!

Want net als in het verleden, focussen we ons op de nabije toekomst. Een plan voor vijfjaren vooruit, noemen we al lange termijn planning.
Waar is die visie, waar willen we als stad over vijftig jaren staan? Kunnen we, als we het hebben over een lange termijn visie, een dusdanig beleid doen ontstaan zodat deze niet onderhevig is aan de golven van het politieke klimaat? Dat dit bestendige beleid niet elke nieuwe “regeer-periode” ondersteboven wordt gegooid omdat we in een politiek wedstrijdje ver pissen, de beslissingen van de voorgangers ongedaan maken en ons eigen eitje willen leggen?

In de ijver de Bergse reddingsoperatie zo’n groot mogelijke kans van slagen te geven, hebben we externe expertise in huis gehaald en die een stoeltje in het college gegeven. Duur betaalde krachten, die onze stad helpen er weer boven op te komen. Echter mensen, met een korte termijn opdracht, mensen die geen enkel besef van historie en gevoelens met onze stad hebben. Mensen die slechts kijken naar weg te snijden kosten en nooit naar de mogelijkheden. Het zijn geen ondernemers die kansen zien, die willen investeren om te groeien. Nee, het zijn ambtenaren die een hele nauwe kijk hebben naar hun opdracht: het in het groene trekken van de begroting en een begin maken met het oplossen van de mega grote schuld. Om er vervolgens vandoor te trekken en nooit meer notie te nemen van de naweeën van hun beslissingen en besluiten.

En hier dreigt het fout te gaan. Er wordt geen stip op de horizon gezet. Er wordt niet in kaart gebracht wat het takenpakket van onze stad is en zou moeten zijn, waar we over 50 (+) jaren willen staan en wat we moeten ondernemen om Bergen op Zoom die bruisende stad te maken waar we graag willen wonen, werken, ons ontspannen, die aantrekkelijke investeringsmogelijkheden heeft, en tot slotte een stad die onze kinderen toekomst biedt.

Bergen op Zoom heeft geen eindeloze gronden om industrie of land- en tuinbouw te versterken. Kennis, diensten en toerisme, daar liggen wel mogelijkheden. Natuurlijk moeten we zuinig omgaan met onze financiën, met de ruimte, de inzet en omvang van het personeel en alle andere uitgaven. Bezuinigingen die de voortgang van onze stad moeten helpen, niet moeten tegenwerken. En juist dat gebeurt nu. Ik kan me niet ontworstelen aan de gedachte dat de huidige bezuinigingswoede zich richt op een sector die onbelangrijk wordt genoemd: Cultuur is immers maar een hobby. Maar het is dan wel een sector die heel veel zelfstandigen bevat. Het is een sector waarin een heel leger vrijwilligers met volle overgave en enthousiasme onze stad de ziel geven waarmee ze tijdens al die prachtige evenementen de reden creëren waar vele duizenden van buiten onze stad op af komen. Die zorgen voor overvolle terrasjes, gezellig gevulde restaurantjes en een gestage stroom bezoekers die ook een kijkje gaan nemen in al die winkeltjes.
Als ik naar de huidige golf van voorgestelde bezuinigingen kijk, dan valt mij een drietrap raket op:

Bezuinigen op subsidies; waarbij vooral de cultuursector het slachtoffer is
Bezuinigen op personeel; waarbij vooral het cultuurbedrijf het slachtoffer is en het totale ambtelijke apparaat op het stadskantoor vooralsnog buiten de slag blijft
Bezuinigen op huisvesting; waarbij in eerste instantie vooral de culturele sector weer hard getroffen wordt

Nogmaals, als we structureel kunnen bezuinigen, met een positief effect naar de toekomst, moeten we dat absoluut doen. Maar met name de culturele sector zorgt er voor dat Bergen op Zoom als gemeente op de kaart staat, steeds sterker wordt als toeristenstad. Allerlei onderzoeken wijzen dit uit. Door nu in het hart van die beleving te snijden, zal onze stad uitdoven als een nachtkaars en verworden tot dat in slaap gevallen provinciestadje. Het wordt oninteressant om in zo’n stad te investeren, ondernemers zullen weglopen, idem de jongere mensen. Kortom, leegstand en verpaupering ligt mij op het netvlies.

Horeca en middenstand zullen omvallen, wegtrekken. Een gestage toestroom naar het gemeenteloket om een uitkering aan te vragen.

Om de lange termijn hoop van onze stad vast te leggen, hebben we inderdaad externe expertise nodig. Maar dan bedoel ik met extern, mensen van buiten de politiek. Ondernemers uit de stad, maar vooral al die organisaties en geledingen uit onze burgers. Samenwerking tussen Stichtingen Sint Nicolaas en Vastenavend, Proefmei en de Jazz organisatie, Krabbenfoor en Maria Ommegang. Allen prachtige evenementen, maar waarbij de organisaties heel veel input en diensten kunnen inbrengen bij het formuleren en het in standhouden van een bestendig toekomstgericht beleid. Wat is de visie van scholen, sportverenigingen. Kijk of je gezamenlijke “loketten” kunt oprichten zodat je efficiënter en goedkoper kunt handelen.
Ondersteun ook initiatieven die het dagelijkse leven zoveel beter maken. Een heel triest is het Amalia Parkje aan de Zeekand. “De Keet” wordt al sinds jaar en dag gerund, vorm gegeven, onderhouden en wat al niet meer door vrijwilligers, zoals bij voorbeeld Ricky Dinkelberg cum suis. Talloze evenementen zijn daar op eigen kosten georganiseerd. Maar een totaal gebrek aan echte interesse, een sleur van niet nagekomen afspraken en het totaal ontbreken van de wil om dit initiatief te ondersteunen, heeft ertoe geleid dat er bij de vrijwilligers iets geknakt is, en erger nog dat dit initiatief “gestorven” is. Over wat hiervan de consequenties zijn voor de buurt, betrokken jeugd en ouders, wil ik het liever niet over hebben. Over wat de levensvreugde van veel mensen hierbij in kwaliteit gaat inleveren wil ik het ook niet hebben. Maar de notabelen van onze stad zouden daar zeker WEL over na moeten denken. En dit is slechts een van de onderwerpen die niet in de bezuinigingswoede wordt besproken.

Behoudt die monumentale panden, zodat je er als gemeente ten alle tijden de regie over behoudt. Ze vormen immers een bepalend onderdeel van het hart van onze stad. Eenmaal verkocht en in particuliere handen, kun je nooit meer als gemeente al te veel eisen of sturen. Behouden dus, maar zorg wel dat er een echte ondernemer in die panden komt, mensen die niet alleen de subsidies als budget beschouwen, maar mensen die in kansen en mogelijkheden denken. Die zoveel mogelijk inkomsten willen genereren.

Het redden van onze stad, en haar toekomst, bestaat niet louter uit bezuinigen. Het gaat er om dat we aan een toekomst bouwen waarin de burgers zich thuis voelen, waar ze trots op zijn. Het gaat er om dat mensen graag onze stad bezoeken, dat investeerders geïnteresseerd geraken.

Als laatste wil ik er op wijzen dat er veel mogelijkheden zijn tot bezuinigen zonder zaken te verkwanselen. Het Hertenkampje in Halsteren is het perfecte voorbeeld. Waar vrijwilligers de taak van het onderhoud grotendeels op zich willen nemen. We barsten van de vrijwilligers, van de sportverenigingen, van de organisaties en groepen. Luister naar hen, bekijk wat er gezamenlijk mogelijk is. Kijk naar de mogelijkheden van De Brabantse Wal en de gemeenten Tholen, Steenbergen en Woensdrecht. Ook zij worstelen met vraagstukken.

Samenwerking en respect zijn sleutels om de deur tot een bestendig en positief toegangspad Bergen op Zoom te ontsluiten.

De politiek is er om dat alles vorm te geven, om de communicatie tussen burgers en uitvoerenden op het gemeentehuis optimaal te houden. De politiek zou het verlengstuk, de spreekbuis, moeten zijn van alle ingezetenen van de gemeente Bergen op Zoom. In het verleden is al te vaak gebleken dat politiek een middel was om het eigen ego te strelen. We staan op een kruispunt, een cruciaal kruispunt voor onze stad. Laten we dus met beleid, met respect voor iedere betrokkene, een koers uitstippelen die ons allen dient.
Wij met zijn allen zijn immers Bergen op Zoom.

Ik wens Burgemeester Petter alle sterkte en wijsheid om dit proces in goede banen te leiden.

Met vriendelijke groet

Sonn Franken

Reacties