Indië herdenking bij Rozenoord

Zondag werd bij Partycentrum Rozenoord in Bergen op Zoom de capitulatie van Japan op 15 augustus 1945 herdacht.

Bij Partycentrum Rozenoord, het vaste ontmoetingspunt voor Indische Nederlanders werd niet alleen de capitulatie van Japan maar ook de oorlogsperiode daarvoor en de onafhankelijkheidsstrijd daarna herdacht.
In verband met de corona maatregelen kon door ruimtegebrek de herdenking niet bij het op donderdag onthulde monument plaatsvinden, hoewel daar wel kransen gelegd werden.

Stichting Payung

De herdenking was georganiseerd door stichting Payung, opgericht door Henk Beijen, René van der Peijl, Sjoerd van den Boom en Wendy Rooze.

Sjoerd van den Boom, Henk Beijen, René van der Peijl en Wendy Rooze van Stichting Payung

René van der Peijl vertelde dat de stichting begin dit jaar opgericht was om deze herdenking te organiseren en voor de realisatie van het monument in de tuin van Rozenoord. Tot de corona werd de 15 augustus herdenking in Residentie Moermont, een verzorgingshuis van tante Louise gehouden maar die ruimte werd te klein.

De leden van de stichting vinden het belangrijk om de herinneringen aan de periode in Nederlands Indië over te brengen op nieuwe generaties.

In de tuin van Rozenoord werden de gasten welkom geheten door de ceremoniemeester, Danny Beijen, de zoon van Henk Beijen. De onthulling van het monument op donderdag was een droom van zijn vader die uitkomt, evenals deze herdenkingsbijeenkomst. Hij verzocht wel iedereen rekening te houden met de anderhalve meter afstand.

Vader en zoon Beijen (links de zoon, rechts de vader)

Henk Beijen zelf verwelkomde in het bijzonder de aanwezigen die de tweede wereldoorlog zelf meegemaakt hadden en zei dat hier alle slachtoffers uit de oorlog en de daarop volgende onafhankelijkheidsstrijd herdacht worden. Hij betreurde het dat door de corona het monument alleen met een klein gezelschap onthuld kon worden en stelde dat vrijheid een groot goed is dat nog steeds de hoogste prioriteit zou moeten hebben.

“Het monument symboliseert het samen gaan van twee culturen maar eigenlijk zou er een eenheid van alle culturen moeten zijn. De opdracht die we als mensen hebben is, bid en werk, respecteer elkaar en ga liefdevol met elkaar om”, aldus Henk Beijen.

Het monument

Marnix Kemperman, de maker van het monument, vertelde dat het voor hem, met zijn Indische achtergrond, een eer was om dit monument te mogen maken.

De marmeren cirkel in het monument staat voor éénheid en het koperdraad voor de worsteling en verwevenheid. Doordat het koper door de tijd gaat oxideren zal het groen uitslaan en samensmelten met het witte marmer. Dit symboliseert het samensmelten van culturen en net zoals het koper tijd nodig heeft om te oxideren en met het marmer samen te smelten heeft ook het samensmelten van culturen tijd nodig. Ook staat het groen voor de bijnaam die de schrijver Multatuli.had bedacht voor Nederlands Indië, de ‘Gordel van Smaragd’, aldus Kemperman.

Herdenken is belangrijk en ieder heeft zijn eigen herinneringen en ervaringen. Het thema eenheid is zo belangrijk maar in deze tijd wordt helaas steeds meer de nadruk gelegd op de verschillen.

The Captives’Hymn

Aansluitend werd het lied “The Captives’Hymn” ten gehore gebracht.

Dit lied is door de Engelse Margaret Dryburgh in het Palembang ‘houses’ kamp in 1942 waar zij als krijgsgevangene opgesloten zat. Het lied werd en voor het eerst gezongen door haarzelf en nog twee dames tijdens een zondagse kerkdienst. Daarna werd het lied The Captives’Hymn elke zondag gezongen door de vrouwen in het kamp, te midden van alle wreedheden, lijden en dood.

Het lied werd ook in andere kampen bekend doordat later gevangenen naar andere kampen zoals in Singapore werden getransporteerd.

The Captives’Hymn is een gezongen gebed van de gevangen. “Vader, in gevangenschap richten wij ons gebed tot U. Omring ons immer door Uw liefde. Geef dat wij dagelijks laten zien. dat zij die op U vertrouwen. meer dan overwinnaars zijn” (vertaling van het eerste couplet).

De Junyo Maru

Cindy vertelde hierna over de vergeten scheepsramp, het torpoderen van de Japanse Junyo Maru door een Britse onderzeeboot, terwijl er duizenden gevangenen aan boord waren, krijgsgevangenen en Javaanse dwangarbeiders. Totaal waren hierbij ongeveer 5600 slachtoffers te betreuren.

Ter nagedachtenis van deze slachtoffers werd één minuut stilte gehouden. waarna het Wilhelmus gespeeld werd.

Locoburgemeester Jeroen de Lange

Rozenoord, de naam doet denken aan een vredige omgeving. Hoe anders was de tijd van de tweede wereldoorlog, toen eerst Nederland onder de voet werd gelopen door de Duitsers en later Nederlands Indië door de Japanners. De locoburgemeester noemde het jaren van rechteloosheid, willekeur en extreem geweld, niet alleen tegen Nederlanders in Nederlands Indië maar ook tegen de lokale bevolking. Er zijn meer dan vier miljoen doden gevallen onder de burgerbevolking !

Het ergste aan oorlog noemde de locoburgemeester, dat de onmenselijkheid de norm wordt. De herdenking is een herdenking van de waanzin van een gewapend conflict. Dit mag nooit meer gebeuren….. maar helaas, het gebeurt nog steeds over de hele wereld. Deze herdenking moet bijdragen aan bezinning en verdraagzaamheid en door de herdenking zullen we de doden ook niet vergeten.

“Vandaag herdenken we alle mensen die vielen in de oorlog in het verre oosten, de marinemensen in de slag in de Javazee, de KNIL militairen, de krijgsgevangenen en burger slachtoffers en de slachtoffers in de Jappenkampen”, aldus De Lange.

Het Onze Vader en een gedicht

Een jong meisje in een Jappenkamp had het Onze vader gebed geleerd en zong dit iedere avond om zes uur in het kamp. Hierdoor kreeg dit gebed een speciale betekenis. Bij deze herdenking werd het door Jan gezongen terwijl hij zichtzelf op gitaar begeleide. Aansluitend droeg Fleur Beijen een gedicht voor over haar opa en zijn vader, die op zee onderging met de Junyo Maru.

Na het lied “Berusting”, gezongen door Henk Beijen, was het tijd voor de kranslegging

Kranslegging

In defilé gingen de aanwezigen vanuit de tuin achter het partycentrum naar de voortuin waar het monument staat. Daar stond een erewacht van drie man en konden de gasten één voor één hun kransen en bloemen bij het monument leggen.

De Verzwegen Oorlog

Sjoerd van den Boom en Willem Jongeneelen zijn twee jaar geleden na de kleine herdenking bij Residentie Moermont, begonnen met het verzamelen van verhalen van mensen die de Indië tijd hebben meegemaakt.

Sjoerd vertelde dat in eerste instantie de geïnterviewden niemand ‘lastig wilden vallen met hun verhalen’ maar na enige respectvol aandringen  hebben Sjoerd en Willem toch nog verhalen weten los te peuteren, die ze verzameld hebben in hun boek De Verzwegen Oorlog.

In het boek vertellen ouderen over hun ervaringen om ze ook vast te leggen voor latere generaties. Hiervoor werd er eigenlijk niet over de gruwelijkheden van de oorlog gesproken in de gezinnen die naar Nederland gekomen waren. Er moest een nieuw bestaan opgebouwd worden en de herinneringen waren vaak te gruwelijk of te pijnlijk om over te praten.

Op uitnodiging van Sjoerd kwamen deze middag twee vader en zoon ‘teams’ over hun ervaringen vertellen.

Brian en Les Brodie

Brian kwam het podium op met zijn vader Les Brodie. Brian vertelde over zijn Indische vader en zijn Nederlandse moeder en zijn jeugd met een Nederlandse opvoeding waar de Indische cultuur zo verweven was met de Nederlandse. Het was altijd feest als ze naar zijn Indische oma gingen met een huis vol familie en een warme sfeer waar het heerlijk pittige eten centraal stond.

Voor het gezin Brodie was muziek altijd heel belangrijk. Samen muziek maken, gospel en country muziek.

In zijn opvoeding stond respect altijd hoog in het vaandel. respect voor ouderen en respect voor mensen die iets bereikt hebben en daarmee ook de push om zelf het maximale te bereiken. ook de uiterlijke verzorging is erg belangrijk. Je ouders moeten trots op je kunnen zijn.

Les vertelde dat hij heel trots was op de muzikaliteit van zijn kinderen die volgens hem drie ker beter spelen dan hijzelf. iets waar Brian het niet mee eens was. Volgens hem is les de beste gitarist ter wereld.

Jeffrey en Freek Derwort

Jeffrey groeide ook op tussen twee culturen. Als kind was hij zich daar niet van bewust maar nu denkt hij er met warme gevoelens aan terug. De Indische gemeenschap is heel hecht. Hij herinnert zicht dat zijn moeder altijd hapjes klaarmaakte voor iedereen en met Kerst werd er spekkoek gemaakt door zijn moeder, spekkoek die iedereen wilde proeven. Ook herinnerd hij zich het gele Ford Transit busje van de rijdende Toko. Eten is heel belangrijk in de Indische gemeenschap en ook in bijna iedere speech komt eten voor. Eten is een verbindende factoor, evenals de door Dino georganiseerde dansavonden.

Pas toen hij het boek De Verzwegen oorlog las, wist hij wat zijn vader doorgemaakt had. Er was thuis nooit over gepraat. Na het lezen heeft hij nog meer respect voor zijn ouders.

Brian en Les Brodie en Jeffrey en Freek Derwort

Het boek De Verzwegen Oorlog  mocht daarna, met dank aan Tante Louise, door alle aanwezigen gratis meegenomen worden.

Alle generaties

Niet alleen ouderen die de oorlog hadden meegemaakt bezochten de herdenking. Ook veel jongeren waren bij de herdenking aanwezig en voelden zich erg betrokken.

Maarten de Jongh Swemer is één van de oudere aanwezigen die de oorlog zelf hebben meegemaakt. Hij zat als klein kind met zijn moeder en oudere broertje in vier verschillende Jappenkampen en overleefde een boottocht in een Japans schip met gevangenen dat gebombardeerd werd. Hij herinnerde zich de bombardementen met napalm op een gevangenenkamp dat voor een Japanse basis werd aangezien. De ontberingen in de oorlog en de verhuizing van het warme Nederlands Indië naar het koude Nederland.

Een van de jongere aanwezige was Rowena Been-Schlee.

Haar opa diende bij de KNIL, het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger, en haar oma is Indische. De afgelopen tijd heeft ze veel onderzoek gedaan naar haar opa en oma. Van haar opa heeft ze al veel kunnen vinden en naar dingen over haar oma is ze nog steeds op zoek.

Haar opa was één van de ‘duizend van Amahai’. Dit waren duizend krijgsgevangenen die in 1943 naar het eiland Amahai in de Molukken gebracht werden om aan een vliegveld te werken. Hij reisde (als je het nog reizen mag nomen) met het ‘helschip’ Maros Maru, een Japans schip met Nederlandse en Engelse krijgsgevangenen. Na een tocht van zesenzeventig dagen waren er 305 van de 650 gevangenen overleden.

Na de oorlog werd Rowena’s opa gelegerd in de Cort Heyligerskazerne in Bergen op Zoom, aan de overkant van Rozenoord, waar nu de herdenking plaats vindt.  Zo is de cirkel weer rond.

Rowena met een foto van haar opa en oma

Indisch eten

Zoals het bij een Indische aangelegenheid hoort, werd de herdenking afgesloten met Indisch eten. Om aan de corona regels te voldoen mocht iedereen aan zijn tafel blijven zitten en werd het heerlijke eten rondgebracht.

Kijk ook in de fotoserie bovenaan dit artikel voor meer foto’s

Reacties